Tags

, , , , , , , , , , , , , , , , ,

Sommige situaties staan voor altijd in je geheugen gegrifd. Vanochtend hoorde ik de vraag “waar was jij toen de Bijlmerramp plaats vond?”

Ik was direct weer 20 jaar terug in de tijd. Voor mij en mijn gezin een heel heftige en moeilijke tijd. Een diepzwarte depressie was als een zware deken over mij heen gevallen en verstikte mij. Ik vocht tegen een onzichtbare vijand die in mijn hoofd was gaan zitten en mijn gedachten totaal over had genomen. Angst, verdriet, verwarring, een scala van negatieve gevoelens beheerste mijn leven op een bizarre manier…

Op 4 oktober 1992  bracht mijn lief mij in de avond terug naar de instelling waar ik voor 13 weken was opgenomen. Het was mijn 6e week, de week waarin ik mijn “contract” moest gaan vertellen aan de groep. Een contract, wat -bleek achteraf- het keerpunt zou worden in de behandeling en in mijn leven. Ik moest gaan vertellen wat de oorzaak was van mijn depressie, hoe ik hier zelf de controle weer over terug kon krijgen en hoe ik dit ging toepassen in mijn leven. En bij het opstellen van dit contract was mij duidelijk geworden dat ik een moeilijke, en zeer zware beslissing moest gaan nemen: het sluiten van het bedrijf waar ik zoveel van hield, waar ik was opgegroeid, maar wat mij uiteindelijk in deze situatie had doen belanden waardoor ik de controle was verloren over mijn zelfstandig handelen en waarin ik niet bleek opgewassen tegen mijn vader.

We reden over de dijk richting Lelystad, het was de eerste avond van de wintertijd, dus het was al donker. Ik zal verdrietig door het raam van de auto hebben gekeken, naar die donkere weg die voor mij lag, letterlijk en figuurlijk, en waarvan ik niet wist waar die naartoe leidde. Opeens was daar die grote oranje gloed. “zie jij dat? ” vroeg ik aan mijn lief. “wat is dat in hemelsnaam” .

“misschien kassen die verlicht zijn?” Maar dat kon niet, dat wisten we… maar wat het wél was?? We hadden geen idee. Ik arriveerde bij Sonnehaert in Zeist en ging naar groep Rood, voor een week vol behandelingen. De deur ging achter mij dicht.

Achteraf bleek er wel een tv in de inrichting te zijn, maar ik heb daar nooit gekeken. Kranten waren er niet. Al die prikkels van buitenaf, het was teveel en eerlijk gezegd: het interesseerde me ook niet, ik had genoeg aan mezelf, mezelf staande houden was al moeilijk genoeg in deze inktzwarte tijd.

Het was een heel rare gewaarwording dat ik het weekeind daarop, tijdens het weekeindverlof, hoorde wat er was gebeurd. Het idee, dat er zo’n heftige week in Nederland was geweest en ik daar niets van mee had gekregen was een bizarre ervaring.

Nu zou dit niet meer mogelijk zijn, want door de SmartPhones, Ipads, Social media en computers ben je overal direct op de hoogte. Want, beste lezers, er was een tijd vóór het mobieltje…dat je gewoon een week in onwetendheid leefde, en mét je de 48 mede-cliënten.

En soms, soms verlang ik terug naar die tijd…maar dan wél zonder depressie.

Want de depressie was mijn eigen hel op aarde.